Kan het duurzamer? Die vraag stelt gemeente Velsen tegenwoordig bij elke aanschaf, of het nu gaat om bureaustoelen of koffiebekertjes. Elke leverancier wordt uitgedaagd om met de meest milieuvriendelijke oplossingen te komen. Er blijkt meer mogelijk dan gedacht, ontdekte Paulien van der Laarse, adviseur Inkoop en Contractmanagement bij de gemeente. 'Wij vragen best veel van inwoners en bedrijven in onze gemeente op het gebied van duurzaamheid. Dan moeten we dat zelf natuurlijk ook doen.'

foto van Paulien voor duurzaam verhaal

Bedenk eens hoeveel grondstoffen er nodig zijn, voordat je een nieuwe bureaustoel hebt. Van het kappen van bomen en het delven van metalen tot de energie die nodig is om zo’n stoel te produceren. Niet bepaald milieuvriendelijk dus. Gelukkig kan dat tegenwoordig anders. Gemeente Velsen koopt alleen nog maar circulair meubilair in. Dat betekent dat er geen nieuwe grondstoffen voor zijn gebruikt. 'Bedrijven kunnen tegenwoordig veel met hergebruik van materialen en levensduurverlenging, legt Paulien uit. 'Wat ik er vooral leuk aan vind, is dat het ook heel creatief is. Van oude kastdeuren kunnen bijvoorbeeld akoestische wanden worden gemaakt.' Daarmee is meteen een vooroordeel weggenomen, dat circulair meubilair een mooi woord is voor versleten tweedehandsjes. 'Second life is echt iets anders dan second hand. We stellen nog steeds dezelfde eisen aan de kwaliteit en de garantievoorwaarden.'

Koffieverhalen

Verrassend genoeg kunnen op elk vlak van dit soort duurzame keuzes worden gemaakt. Paulien vertelt dat de nieuwe koffiemachines ook ‘refurbished’ zijn; gemaakt van hergebruikte materialen dus. 'Het zijn machines die fantastisch werken en er komt goede koffie uit – ook heel belangrijk. Met het bedrijf hebben we dezelfde afspraken over onderhoud en garantie als bij nieuwe koffiemachines. Er zijn alleen geen nieuwe grondstoffen aangeboord om deze machines te maken. Niemand ziet dat natuurlijk aan de buitenkant, maar ik ben er wel trots op.' Ook de koffiebekers zijn circulair, ze worden gemaakt bij het bedrijf waar het oude papier van de gemeente naartoe wordt gebracht. En nu we het toch over koffie hebben: de koffieprut die overblijft, gaat naar een lokale oesterzwamkwekerij. Paddenstoelen groeien namelijk bijzonder goed op koffieprut. De leverancier van het cateringbedrijf, die toch al naar ons toe rijdt om bestellingen te brengen voor de catering, neemt de koffieprut mee en levert dit af bij de kwekerij. Dat scheelt weer een vervoersbeweging, want de kwekerij hoeft niet speciaal naar het gemeentehuis te rijden. 'Van dat soort ontwikkelingen word ik heel enthousiast', zegt Paulien.

Snelle ontwikkelingen

Het tij zit mee voor deze nieuwe manier van inkopen, want de ontwikkelingen gaan, in de woorden van Paulien, echt bizar snel. Als voorbeeld geeft ze de inkoop van circulair beton, waar de gemeente nu volop mee aan de slag gaat. 'Ik vind het mooi om te zien dat leveranciers en vooral ook mijn collega’s van de fysieke leefomgeving zo gedreven zijn, risico’s durven te nemen om met zo’n product aan te komen.'
Vanzelfsprekend gaat de gemeente daarbij verantwoordelijk om met uitgaven. Als iets financieel niet mogelijk is, houdt het voor dat moment op. 'Maar het is een vooroordeel dat duurzaam inkopen altijd duurder is. Je hebt een budget, en binnen dat budget kijk je wat mogelijk is.'

Kijken hoe ver je komt

Paulien is een echte aanpakker, waardoor ze veel voor elkaar krijgt. Daar is ze zelf heel nuchter over: 'Ik heb geluk met mijn vakgebied, waar al veel mogelijk is. Ik begin gewoon met vragen en kijk wel hoe ver ik kom. Als je het nooit vraagt, gaan ze het ook niet doen. Soms lukt iets niet, dan kijken we op een later moment gedurende de looptijd van het contract nog een keer. Daarbij is het goed om reëel te blijven en niet blind te staren op heel hoge ambities, want dan gebeurt er helemaal niets meer.' Over haar motivatie is ze al even nuchter: 'Sinds ik kinderen heb, ben ik er meer over na gaan denken dat we nog langer met deze aardbol moeten doen. Je doet wat je kunt.'

Tips

  • Wil je duurzaam inkopen? Vraag door bij leveranciers, laat ze met ideeën komen, schrijf niet alleen maar voor wat je hebben wilt. 
  • Wil je bijdragen aan minder vervoersbewegingen – en dus minder CO2-uitstoot – koop dan bij lokale ondernemers. Dat geldt voor zowel organisaties als particulieren.
  • De beste duurzame oplossing is nog altijd om niets in te kopen, dus de allereerste vraag is altijd of je iets wel echt nodig hebt. Wie weet word je wel verrast door creatieve oplossingen!