RIVM depositieonderzoek IJmond najaar 2025
Het RIVM heeft in het najaar van 2025 onderzoek gedaan naar de depositie van neergedaald grof stof in de IJmond en in de omgeving van Tata Steel. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van provincie Noord-Holland, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), en de IJmondgemeenten Beverwijk, Heemskerk en Velsen. Dit is het vijfde depositieonderzoek dat heeft plaatsgevonden, het eerste onderzoek vond plaats in 2020.
Samenvatting van de onderzoeksuitkomsten
Het RIVM meet sinds 2020 in de IJmond hoeveel polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) en metalen er zit in stof dat op de bodem is neergedaald. Een belangrijke bron van dit stof is Tata Steel. Het stof veroorzaakt hinder in verschillende woonkernen rond de staalfabriek. PAK en lood in het stof zijn ongewenst voor de gezondheid van jonge kinderen. In het najaar van 2025 heeft het RIVM voor de vijfde keer metingen gedaan en de resultaten met eerdere jaren vergeleken.
Ook dit keer blijkt dat er in de regio IJmond meer PAK en metalen zijn neergedaald dan in gebieden zonder industrie in de buurt. Dat geldt vooral voor Wijk aan Zee. Er zijn wel aanwijzingen dat de hoeveelheden in Wijk aan Zee in 2025 iets minder hoog zijn dan in 2020. In de andere woongebieden (Beverwijk, Velsen-Noord, IJmuiden en Heemskerk) verschilden de hoeveelheden, ook door de jaren heen. De hoeveelheid ijzer is bijna overal sinds 2020 flink gedaald.
Het is niet duidelijk of de dalingen structureel zijn en wat de oorzaak ervan is. Verschillende factoren hebben invloed op de hoeveelheid stof die in de omgeving neerdaalt. Een daarvan is de hoeveelheid stof die Tata Steel uitstoot, maar ook de windsterkte en windrichting hebben er invloed op. Omdat het weer (wind en neerslag) verschilde in de onderzochte jaren, is niet duidelijk hoe groot de invloed van deze factoren precies is geweest.
Ten slotte is gekeken of de metingen van het luchtmeetnet van PAK en metalen in fijnstof zijn te gebruiken om de depositie van deze stoffen in de leefomgeving in te schatten. Dat blijkt niet te kunnen. De metingen van het luchtmeetnet zijn vergeleken met de depositiemetingen, maar de stijgingen en dalingen van de hoeveelheden lieten niet dezelfde patronen zien.
Duiding van de onderzoeksuitkomsten
Met de depositieonderzoeken in de IJmond wordt beoogd trends en ontwikkelingen in stofdepositie inzichtelijk te maken. De concentraties in de depositie van PAK en een aantal zware metalen voor de meeste locaties in de IJmond zijn in 2025 verhoogd ten opzichte van de achtergrondlocaties. Dit was bij de voorgaande metingen ook het geval. Op basis van de metingen in 2025 kan nog geen structurele trend of substantiële verbetering worden vastgesteld in de depositie van PAK en zware metalen in de leefomgeving, met uitzondering van ijzer wat sinds 2020 sterk is gedaald. Er zijn wel eerste aanwijzingen dat de depositie van PAK en zware metalen iets afneemt ten opzichte van de eerste metingen.
In het rapport worden een aantal factoren benoemd die invloed hebben op de hoeveelheid depositie. Bijvoorbeeld de (variaties in) emissies uit de bronnen op het terrein van Tata Steel, terrein- en weersinvloeden en het opwaaien van (historisch verontreinigd) bodemstof (resuspensie). Om enig zicht te krijgen op resuspensie is op enkele locaties onderzocht wat de invloed is van de hoogte van de plaatsing van de depositiebakken. Daaruit blijkt dat de hoogte en plaatsing van een bak een sterke invloed heeft op de meetresultaten. Ook zijn de meetdata vergeleken met de metingen van het luchtmeetnet in de IJmond. Tussen deze twee meetmethoden kan geen verband worden gelegd.
Het RIVM kan op basis van dit onderzoek niet goed inzichtelijk maken hoeveel invloed bovenstaande factoren hebben op de gevonden depositie. Dat leidt er toe dat op basis van de data uit dit depositieonderzoek niet gespecificeerd kan worden welk aandeel PAK en metalen precies van het Tata Steel terrein afkomstig is, en welk deel van andere bronnen of door het opnieuw opwaaien van bodemstof (resuspensie) afkomstig is.
Dat betekent ook dat vanwege de bovengenoemde factoren het RIVM geen conclusies kan trekken over een af- of toename van de emissies van PAK en veel van de gemeten metalen uit (grof)stofbronnen op het terrein van Tata Steel sinds de metingen in 2020 en 2022. Het houdt ook in dat geen conclusies kunnen worden getrokken in hoeverre de genomen maatregelen van Tata Steel, zoals het geplaatste windscherm, effect hebben op de hoeveelheid depositie. Het is mogelijk dat de uitstoot van stoffen, zoals PAK en metalen, uit een aantal bronnen is verminderd door de maatregelen. Maar op basis van de recente bevindingen, waarbij in verschillende woonclusters voor PAK en verschillende metalen een (zwakke) afname te zien is, is niet vast te stellen dat dit komt door de genomen maatregelen.
Reactie colleges IJmondgemeenten op het rapport
De IJmondgemeenten streven naar een zo gezond mogelijke leefomgeving in de IJmond. De industrie in de IJmond is economisch van groot belang. Tegelijkertijd zorgt de aanwezigheid van industrie ook voor vervuiling en hinder. Wij streven naar zo schoon mogelijke lucht om in te ademen, beperkte geluids- en geuroverlast en zo weinig mogelijk uitstoot van broeikasgassen.
De uitkomsten van dit vijfde depositieonderzoek maken wat ons betreft opnieuw duidelijk dat we hieraan moeten blijven werken. Er is in de IJmond namelijk nog steeds sprake van een structureel verhoogde depositie aan PAK en een groot aantal metalen ten opzichte van de achtergrondlocaties. We constateren dat de hoeveelheid ijzer sinds 2020 flink is gedaald. Maar met uitzondering van de daling in ijzer kan op basis van dit rapport nog geen substantiële verbetering worden vastgesteld in de aanwezigheid van PAK en metalen in de depositie in de leefomgeving in de IJmond.
We blijven ons dan ook inzetten voor het versnellen van de uitvoering van maatregelen op het terrein van Tata Steel die bijdragen aan de verbetering van de leefomgeving in de IJmond. En we blijven via het Programma Gezonde Leefomgeving IJmond 2026-2030 werken aan het reduceren van grofstof van andere bronnen (zoals verkeer en scheepvaart). Op termijn zal het uitfaseren van het gebruik van kolen door de Kooksgasfabrieken van Tata Steel en het overkappen van verschillende opslagen (als onderdeel van de maatwerkafspraak met Tata Steel) moeten bijdragen aan de vermindering van de uitstoot van grofstof.
Vervolgstappen
Het RIVM doet komend najaar weer een stofdepositieonderzoek in de IJmond. Hierbij wordt het aantal locaties aangepast en wordt er op 10 in plaats van 25 locaties gemeten. Het RIVM bepaalt deze locaties. De meetintervallen zijn daarnaast korter (6 x 9 dagen in plaats van 3 x 18 dagen). Er wordt dus vaker gemeten met in totaal dezelfde meetperiode als in de voorgaande onderzoeken. Hierdoor blijft het goed te vergelijken. Met 10 locaties verwacht het RIVM dat er voldoende zicht blijft op de actuele spreiding van de stofdepositie en op de langere termijn ook op meerjarige trends in de stofdepositie. De data van eerdere jaren vormen voldoende basis om voorlopig met minder meetlocaties verder te gaan.
De kortere meetintervallen, met daarin naar verwachting minder variatie in weertype, zijn bedoeld om beter zicht te krijgen op specifiek Tata Steel als bron van stofdepositie. Hiermee sluiten we aan bij de eerdere aanbeveling van het RIVM om gerichter te zoeken naar “de bijdrage van de verschillende factoren op depositie en naar bronherleiding om scherper de bijdrage van Tata Steel Nederland aan de depositie in de IJmond te kunnen bepalen”.2 Uit het komende depositieonderzoek moet blijken in hoeverre dat inderdaad beter lukt met kortere meetintervallen.
Benutten metingen TNO
Naast de onderzoeken van het RIVM in de leefomgeving, die plaatsvinden in opdracht van de gezamenlijke overheden, meet TNO in opdracht van Tata Steel ook jaarrond de depositie op het terrein van Tata Steel, en op een aantal locaties in de IJmond. Dit is op een aantal punten vergelijkbaar onderzoek, dat mogelijk een bijdrage kan leveren aan betere inzichten over verspreidingen samenstelling van stofdepositie, de bronduiding daarvan, en resuspensie. Tata Steel is bereid om relevante metingen openbaar te maken en mee te werken aan het vergelijken van meetmethoden en analyses, wat wij een positieve ontwikkeling vinden. In de komende periode wordt verkend hoe dit verder vorm kan krijgen, waarbij zelfstandigheid en onafhankelijkheid van het RIVM voorwaarden zijn.
Breed monitoringsoverzicht rondom Tata Steel en in de IJmond door het RIVM
Het RIVM werkt in opdracht van IenW momenteel aan een breed overzicht van de verschillende mogelijkheden van meten en monitoring voor de leefomgeving in de IJmond. IenW heeft aan het RIVM gevraagd om daarbij overkoepelend aandachtspunten en overwegingen op monitoren rondom Tata Steel en in de IJmond te beschrijven, mede als opvolging van de inzichten uit de overzichtsstudie van het RIVM uit 20233. Naar verwachting wordt dit rapport in het najaar van 2026 opgeleverd.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Velsen
