Historie Velsen

Oorsprong

Een tochtje door de omgeving maakt al snel duidelijk dat de gemeente vroeger een strategisch aantrekkelijke plaats was. Kasteel Brederode lag in de Middeleeuwen al langs een belangrijke handelsroute, het IJmuider fort op Forteiland bewaakte de sluizen aan het Noordzeekanaal en maakte vanaf 1875 deel uit van een de zogenaamde Stelling van Amsterdam. In de Tweede wereldoorlog legden de Duitsers hier zelfs nog een bunkerlinie aan.
De oorsprong van de gemeente is het dorp Velsen, vroeger een agrarische gemeenschap tussen de duinen en het Wijkermeer. Al in de vroege bronstijd was hier bewoning in het lagunegebied, gevormd door strandwallen en strandmeren. De Romeinse overheersing liet haar sporen achter in de vorm van een haven aan het Wijkermeer.

Het Velsense Engelmunduskerkje was een van de vijf moederkerken van het graafschap Holland. De in Romaanse stijl opgetrokken toren dateert uit de 12e eeuw. In de 17e en 18e eeuw was de duinrand een geliefd oord voor Amsterdamse kooplieden, die zich hier landgoederen verwierven en er buitenplaatsen bouwden. Zoals Beeckestijn, Velserbeek, Waterland en Schoonenberg. Deze landgoederen, voor een groot gedeelte toegankelijk als openbaar park, de uitgestrekte duingebieden, het brede strand en het recreatiegebied Spaarnwoude, maken Velsen tot een aantrekkelijke gemeente voor toerisme en openluchtrecreatie.

 

Engelmunduskerk

Kanaal, haven en visserij

Aan de landelijke rust van de gemeente kwam een einde, toen in 1876 het Noordzeekanaal open ging. Het IJ en het Wijkermeer werden hiervoor ingepolderd. Vele kanaalwerkers bleven hier wonen en vormden, met het personeel voor de sluizen en de douane, de eerste bewoners. De nieuwe vestiging werd door koning Willem III gedoopt tot IJmuiden - monding van het IJ. De plaats ontwikkelde zich snel. Tegen de verwachting kwam dit niet door de grote scheepvaart, maar nadat de zeevisserij de gunstige mogelijkheid van de veilige havenmond had ontdekt. Aan het eind van de 19e eeuw kreeg de visserij een door het rijk aangelegd havengebied ter beschikking, waarop later de rijksvisafslag werd gevestigd.
IJmuiden is uitgegroeid tot een van de belangrijkste aanvoerhavens van zeevis in ons land. In 1989 is het Staatsvissershavenbedrijf een zelfstandige onderneming geworden: Zeehaven IJmuiden NV.
Het sluizencomplex bestaat uit vier scheepvaartsluizen, gebouwd in 1874, 1896 en 1929. De Noordersluis, met een lengte van 400, een breedte van 50 en een diepte van 15 meter, is lange tijd de grootste van de wereld geweest. In de jaren zestig werden de havenmond en het kanaal vernieuwd.
De zuidpier steekt nu 2.9 km ver de zee in, en de noordpier 2.2 km. Dit terwijl de invaart een breedte van 700 meter heeft.
Tot aan het havengebied van Amsterdam is het kanaal 270 meter breed en 15 meter diep.
Het Noordzeekanaal speelt ook een rol in het milieubeheer. Het dient voor de berging van het industrieel afvalwater en als boezemwater voor verschillende waterschappen. Het overtollige water kan worden afgevoerd via de spuisluis, waarvan het gemaal bij vloed 200 kubieke meter water per seconde kan uitslaan. Dit gemaal pompt bij het schutten ook binnenstromend zout water terug naar de Noordzee.
IJmuiden vormt een van ’s lands grootste zeehavens. De havens ten westen van het sluizencomplex zijn getijhavens, die ten oosten daarvan zijn niet aan eb en vloed blootgesteld.
De buitenhavens dienen hoofdzakelijk voor de aanvoer van vis, van grondstoffen voor de industrie en voor de bevoorrading van booreilanden. Uit de binnenhaven worden voornamelijk industriële eindproducten en halffabrikaten afgevoerd.

Havengezicht IJmuiden

Bedrijvigheid

De aanleg van het Noordzeekanaal had nog een ander onverwacht gevolg.
De industrie ontdekte namelijk de mogelijkheden van deze goedkope en gemakkelijke aanvoerweg.
En spoedig vestigden zich verschillende bedrijven aan de oevers: in 1878 een kunstzandsteenfabriek, aan het eind van de 19e eeuw een papierfabriek en later metaalnijverheid.
Rond de vissershaven ontstond een, voornamelijk op de visserij gerichte, nijverheid, zoals visconservenfabrieken en machine- en scheepsreparatiebedrijven. In 1999 is begonnen met een uitbreiding van het honderd jaar oude havengebied: de Derde Haven. De vestiging van een industrie die de ontwikkeling van Velsen en van de gehele IJmond beslissend zou beïnvloeden, was de komst van Koninklijke Hoogovens in 1918. Het waren Hoogovens, inmiddels Tata Steel geheten, en de daaruit voortgekomen ondernemingen, zoals kunstmest- en cementindustrieën, de staalfabrieken en de walserijen, die Velsen tot een industrieel centrum van internationale betekenis maakten.

Papierfabriek Velsen

Wederopbouw

De in gang gezette ontwikkeling werd door de Tweede Wereldoorlog onderbroken. Evacuatie van inwoners en afbraak van eenderde van de IJmuidense huizen, maakten Velsen tot een van de zwaarst getroffen Nederlandse gemeenten.
De energieke aanpak van de wederopbouw deed Velsen uitgroeien tot een moderne stad aan zee. Het centrum daarvan kwam in IJmuiden-Oost, waar in 1965 het stadhuis, een ontwerp van de architect Dudok, werd geopend. Nieuwe stadswijken verrezen in het duingebied: Zeewijk en Duinwijk. Ongeveer tweederde van het woningbestand is naoorlogs.

Gemeentehuis Velsen in 1965

 

Wonen en verkeer

Santpoort vormt door de eeuwen heen al een bestuurlijke eenheid met Velsen. De heren van Brederode waren ambachtsheren van de heerlijkheid Velsen en de Santpoort. De ruïne van Brederode herinnert aan dit middeleeuwse verleden. Het dorp is nog steeds een agrarisch centrum (bloembollen, veeteelt), maar heeft in aansluiting met de oude dorpskern, nieuwe moderne woonwijken gekregen.

Dit laatste geldt ook voor Driehuis, dat landelijke bekendheid kreeg toen in 1913 op de begraafplaats Westerveld het eerste crematorium werd gebouwd.

In november 1984 werd de eerste paal in de nieuwe woonwijk Velserbroek geslagen. Deze oude polder heeft in het streekplan Amsterdam-Noordzeekanaalgebied een bestemming gekregen voor woningbouw en is bekend om zijn goede voorzieningen. De woonwijk Velsen-Noord kwam tot ontwikkeling bij de grote industrieën aan het Noordzeekanaal.

Het auto- en spoorwegverkeer kruist het Noordzeekanaal via de Velsertunnel en Wijkertunnel. De spoorwegtunnel is 3.2 km lang, waarvan 2 km overdekt.
De autotunnel bestaat uit twee tunnelbuizen met elk een dubbele rijbaan van 7 meter breed; de lengte is 1.6 km, waarvan 800 meter overdekt. Het diepste gedeelte van de tunnels ligt op 23 meter beneden NAP.

Velsentunnel in 1958

Strand

Een heel nieuwe, aantrekkelijke situatie is ontstaan bij de zuidpier van IJmuiden. Het strand van IJmuiden aan Zee is dichter bij zee gebracht. En er is een jachthaven aangelegd, Seaport Marina, die in open verbinding met de Noordzee staat. Daarlangs verrees een nieuwe boulevard met winkels en horeca. Ten zuiden daarvan ligt een binnenmeer.
Er is ruime parkeergelegenheid. Dat alles was mogelijk doordat door natuurlijke oorzaken aan de buitenkant van de zuidpier steeds meer land ontstond. Aan de boulevard is een hotel verrezen. Langs de duinenrij tussen jachthaven en strand van IJmuiden aan Zee zijn koopappartementen gebouwd.

Strandpaviljoen